Storingscodes

Hieronder staan alle storingscodes vermeld met de daarbij behorende oorzaak en mogelijke oplossingen. Voor een uitgebreide uitleg over de Toros Vision, kunt u de Toros Vision installateurshandleiding raadplegen.


Elga hybride warmtepomp

Storing
op Elga
Code op
thermostaat
Omschrijving
1ste flits lang 1 Foutmelding CV-ketel
De ketel geeft via OpenTherm aan de Elga door dat de CV-ketel een foutmelding heeft. Als de CV-ketel een storingscode doorgeeft via OpenTherm kan deze uitgelezen worden onder parameter P87.

 

 

Remedie: los de storing op en reset de CV-ketel. Mogelijke storingen kunnen zijn: te lage waterdruk, te hoge temperatuur (flow CV-ketel), geen gasdruk, etc. Verder wordt verwezen naar de handleiding van de CV-ketel.

2de flits lang 2 Communicatieprobleem met de OpenTherm CV-ketel
Controleer of de kabel tussen de OpenTherm CV-ketel en de Elga-print goed is aangesloten.

 

 

Mogelijk is bij de aansluitkroonsteen van de ketel de keuze tussen aan/uit of OpenTherm verkeerd aangesloten. Ook kan het zijn dat er een instelling in het menu van de ketel naar OT worden gewijzigd. Raadpleeg hiervoor de handleiding van de CV-ketel. Controleer of CV-ketel een OpenTherm aansluiting heeft.

Het kan zijn dat de OpenTherm implementatie van de CV-ketel niet compatibel is met die van de Elga. In dit geval kan men de CV-ketel via een aan/uit contact aansturen. Zie schema K2, K4, K6 enz.

3de flits lang Communicatieprobleem met OpenTherm thermostaat
Controleer of het display van de thermostaat oplicht; dit is een aanduiding dat er wel voeding is. Reset eventueel de Elga door de 230V stekker uit het stopcontact te nemen en er weer in te steken.

 

 

Controleer of de kabel tussen de thermostaat en Elga in orde is, sluit hiervoor de thermostaat via een kort kabeltje direct aan op de Elga.

4de flits lang 64 Communicatieprobleem met Intesisbox en Toshiba-print

 

 

  • Controleer kabel tussen de Elga-print en de Intesisbox. De kabelvolgorde op de Elga-print is van links naar rechts: Niets-Oranje-Wit (gezien vanaf de voorzijde).
  • Controleer of het schakelaartje vooraan op de Elga-print op “run ”staat.
  • Controleer de dipswitches op de Intesisbox. Zie elektrisch schema hoofdstuk 16.
5de flits lang 128 Toshiba-print heeft een storing
De Elga krijgt van de Toshiba een foutmelding. De foutmelding kan uitgelezen worden onder parameter P86. Zie hoofdstuk 12.4 voor de storingscodes.

 

 

Deze storing kan tijdelijk voorkomen bij het opstarten van de Elga. Na maximaal 15 minuten verdwijnt deze dan automatisch.

6de flitslang 32

Debietstoring Elga
De Elga registreert een debietstoring (flowschakelaar in de Elga niet geschakelde en circulatiepomp aan).

  • Controleer of de afsluiters van de Elga en het CV-systeem open staan.
  • Controleer of alle radiatoren en/of vloerverwarmingsgroepen openstaan.
  • Controleer ook of de Elga ontlucht is en of de circulatiepomp in de Elga draait.
  • Controleer of het filter in de Elga schoon is. Het filter is aangesloten op de onderste aansluiting van de warmtewisselaar in de Elga.
  • Als deze storing voorkomt zodra de CV-ketel wordt ingeschakeld moeten de circulatiepompen beter op elkaar worden afgesteld, zie hiervoor hoofdstuk 7.
  • Controleer indien nodig ook of de debietschakelaar vrij kan bewegen.
7de flits lang 8 Sensor fout: NTC1
De meegeleverde temperatuursensor voor de retour (NTC1) geeft een storing.

 

 

  • Controleer of deze goed is aangesloten op de groene stekker.
  • Controleer de sensor.
8ste flits lang 16 (Extra) buitenvoeler storing
De extra buitenvoeler is actief als dipswitch B1 op ‘ON’ staat. Als dipswitch B1 op ‘OFF’ staat, komt er nooit een buitenvoelerstoring.
9de flits lang 4

Sensor fout: NTC2
De meegeleverde temperatuursensor voor de aanvoer (NTC2) geeft een storing.

  • Controleer of deze goed is aangesloten op de groene stekker.
  • Controleer de sensor

Loria lucht/water warmtepomp

Kleine
fout
Grote
fout
Beschrijving Overgang naar de veiligheidsmodus Mogelijke oorzaken
3 Hydraulisch debiet waterstroom
te laag
Regeling van de circulatiepompsnelheid te laag.
Vervuiling van de filterklep
131 (Stop de unit als de kleine fout 3 in
1 uur 3 keer optreedt)
5 Aanvoerstemperatuur (T5) of
retour (T6) <2°C
 – Antivriesfunctie fout. Extra
warmtetoevoer losgekoppeld.
6 Communicatiefout tussen de
interface-kaart en de regelaarkaart
van de warmtepomp
 – Controleer de bekabeling
19 Testmodus actief
35 Fout aanvoersensor warmtepomp
(T5)
Kortsluiting, sensor losgekoppeld of
gesneden. Defecte sensor. Andere
fout.
36 Fout retoursensor warmtepomp (T6) Kortsluiting, sensor losgekoppeld of gesneden. Defecte sensor. Andere fout.
132 Begintemperatuur > 70 °C (T5)  –
46 Fout sensor circuit 2 (T12)  – Kortsluiting, sensor losgekoppeld of gesneden. Defecte sensor. Andere fout.
48 Fout buitentemperatuursensor (T7)  –

Kortsluiting, sensor losgekoppeld of gesneden. Defecte sensor. Andere fout.

47 Fout boiler sanitair warmwater (T8)  – Kortsluiting, sensor losgekoppeld of gesneden. Defecte sensor. Andere fout.
148 Fout anti-legionella-cyclus De fout verschijnt wanneer 3 opeenvolgende tests hebben gefaald. Extra warmtetoevoer losgekoppeld.
52 Detectie van ijs op de aanvoer tijdens het ontdooien van de buitenunit (temperatuur <2 °C).  – Volume van het circulerend water is te laag (zie tabel 1.3, pagina
5).
180  – (Stop de unit als de kleine fout 52 in 1 uur 3 keer optreedt)  –
53 Detectie van ijs op de retour tijdens het ontdooien van de buitenunit (temperatuur < 3 °C).  – Volume van het circulerend water is te laag (zie tabel 1.3, pagina
5).
181  – (Stop de unit als de kleine fout 53 in 1 uur 3 keer optreedt)  –
55 Vorstbeveiliging van de warmtepompcircuit (met elektrische extra warmtetoevoer)  –  –
56 Vorstbeveiliging van de actieve sanitair warmwater (met elektrische extra warmtetoevoer)  –  –
62 Ontlasting – EJP of Ingang actief tarief  –  –
66 Fout buitenunit (uitwendige oorzaak)  – Zie “8.3 Storingen buitenunit”, pagina 51
67 Cyclus sanitair warmwater te lang
(> 6 uren).
 –  Te veel gebruik tijdens dezelfde
cyclus.
Elektrisch element losgekoppeld.
Sensor onder elektrisch element
geplaatst.
195  – Stop de unit als de kleine fout 67 3 keer na elkaar optreedt  –
68 Omgevingstemperatuur zone 1 ontbreekt wanneer de “invloed
van T-omgeving” (nr 33) is geactiveerd.
Parameter 33 gebruikt zonder omgevings-unit.
Omgevings-unit losgekoppeld of afwezig zijn.
69 Omgevingstemperatuur zone 2 ontbreekt wanneer de “invloed
van T-omgeving” (nr 53) is geactiveerd.
Parameter 53 gebruikt zonder omgevings-unit.
Omgevings-unit losgekoppeld of afwezig zijn.
70 Noodbedrijf actief
71 Temperatuurcircuit 2 > 55 °C Defecte mengkraan.
73 Externe fout gerelateerd aan de invoer EX3

Parameter 75 geregeld op:
1-> warmtepompvergrendeld
2-> zone 1 gestopt
3-> zone 2 gestopt

Externe fout.
76 Hydraulisch debiet zwak Regeling van de circulatiepompsnelheid te
laag. Vervuiling van de filterklep

Toros Vision Combiwarmtepomp

Error code Lock-out code Beschrijving Mogelijke oorzaken
1

Storingscode 1 geeft aan dat de warmtepomp een hoge druk (HD) storing heeft. De oorzaak hiervan kan te weinig stroming in het afgiftesysteem of tapwater laadcircuit zijn. Controleer de doorstroming van het afgiftesysteem en tapwatersysteem (afsluiters, systeemdruk, lucht, filter, circulatiepompen, kleppen).
2

Storingscode 2 geeft aan dat de warmtepomp een lage druk (LD) storing heeft. De oorzaak hiervan kan zijn een te koude bron of te weinig stroming aan bronzijde. Controleer deze zaken (temperaturen, afsluiters, systeemdruk, lucht, filter, circulatiepompen, kleppen). Als de LD-storing ook na enkele uren stilstaan na resetten direct weer optreedt, is een koudemiddellek waarschijnlijk de oorzaak. Neem dan contact op met de leverancier van de warmtepomp.
3

Storingscode 3 geeft aan dat er onvoldoende stroming aan CV-zijde is. Controleer de doorstroming aan CV-zijde (ook tapwaterbedrijf, afsluiters, systeemdruk, lucht, filter, circulatiepompen, kleppen).
4

Storingscode 4 geeft aan dat de maximale condensor uittredetemperatuur (CV-zijde) is overschreden. Dit kan tijdens tapwaterbedrijf (anti-Legionella-cyclus) of CV-bedrijf voorkomen. Controleer de doorstroming van het tapwater laadcircuit en het CV-systeem (afsluiters, systeemdruk, lucht, filter, circulatiepompen, kleppen). Neem, als dit vaker voorkomt, contact met de leverancier van de warmtepomp.
5

Storingscode 5 geeft aan dat de vorstgrens aan CV-zijde is onderschreden tijdens compressorbedrijf. De compressor levert onvoldoende warmte. Controleer de instellingen, systeemdruk, ontlucht en neem indien nodig contact op met de leverancier van de warmtepomp.
19

Storingscode 19 geeft aan de testmodus actief is. Dit komt alleen bij handmatig bedrijf voor.
20

Storingscode 20 geeft aan dat de anti-Legionella-cyclus niet is afgerond. Neem contact op met de leverancier van de warmtepomp.
21

Storingscode 21 geeft aan dat er te weinig stroming is aan bronzijde van de warmtepomp. Controleer of de afsluiters open staan, reinig het filter, het systeem op druk en ontlucht is, de kleppen open/goed staan en of de circulatiepomp werkt.
24

Storingscode 24 geeft aan dat de sensoren Tvi en Tvu aan bronzijde van de warmtepomp te veel afwijking hebben als de compressor niet draait of te weinig als deze wel draait. Controleer of de sensoren goed geplaatst zijn (meetpunt goed op de leiding, met geleidingspasta, vastgeklemd en onder de isolatie).
25

Storingscode 25 geeft aan dat aan bronzijde de verdamper uittredetemperatuur te laag is (tijdens compressorbedrijf). Controleer de stroming over de bron (afsluiters, systeemdruk, lucht, filter, circulatiepomp, kleppen) en of de bron voldoende capaciteit en temperatuur kan leveren.
26

Storingscode 26 geeft aan dat aan bronzijde de verdamper intredetemperatuur te laag is (tijdens compressorbedrijf). Controleer de stroming over de bron (afsluiters, systeemdruk, lucht, filter, circulatiepomp, kleppen) en of deze voldoende capaciteit en temperatuur kan leveren.
27

Storingscode 27 geeft aan dat aan bronzijde de verdamper uittredetemperatuur te laag is voor het starten van de compressor. Controleer de stroming over de bron (afsluiters, systeemdruk, lucht, filter, circulatiepomp, kleppen) en of de volledige capaciteit van de bron benut wordt (levert bron voldoende capaciteit/temperatuur).
30

Storingscode 30 geeft aan dat sensor Tvu (bronzijde warmtepomp verdamper uittrede temperatuursensor) een open contact heeft. Controleer de bedrading en vervang indien nodig de sensor.
35

Storingscode 35 geeft aan dat sensor Tcu (CV-zijde warmtepomp condensor uitrede temperatuursensor) een open contact heeft. Controleer de bedrading en vervang indien nodig de sensor.
36

Storingscode 36 geeft aan dat sensor Tci (CV-zijde warmtepomp condensor intrede temperatuursensor) een open contact heeft. Controleer de bedrading en vervang indien nodig de sensor.
38

Storingscode 38 geeft aan dat sensor Tvi (bronzijde warmtepomp verdamper intrede temperatuursensor) een open contact heeft. Controleer de bedrading en vervang indien nodig de sensor.
39

Storingscode 39 geeft aan dat de flowsensor geen verbinding heeft. Controleer de bedrading van de flowsensor en vervang de sensor indien nodig.
42

Storingscode 42 geeft aan dat er van kWh-meter 1 te lang geen puls is gekomen. Controleer de bedrading en de kWh-meter.
44

Storingscode 44 geeft aan dat sensor Tau (CV-zijde warmtepomp uittrede temperatuursensor) een open contact heeft. Controleer de bedrading en vervang indien nodig de sensor.
45

Storingscode 45 geeft aan dat sensor Tzc (zonnecollector temperatuursensor) een open contact heeft. Controleer de bedrading en vervang indien nodig de sensor. Alle solarfuncties worden uitgeschakeld.
46

Storingscode 46 geeft aan dat sensor Tmg (menggroeptemperatuursensor) een open contact heeft. Controleer de bedrading en vervang indien nodig de sensor.
47

Storingscode 47 geeft aan dat sensor Ttw (tapwatertemperatuursensor) een open contact heeft. Controleer de bedrading en vervang indien nodig de sensor.
48

Storingscode 48 geeft aan dat sensor Tbu (buitentemperatuursensor) een open contact heeft. Controleer de bedrading en vervang indien nodig de sensor.
49

Storingscode 49 geeft aan dat sensor Tbr (bronzijde in de warmtepomp) een open contact heeft. Controleer de bedrading en vervang indien nodig de sensor.
50

Storingscode 50 geeft aan dat het contact van klem EC2 open is. Dit betekent dat de draadbrug defect is of het aangesloten component een open verbinding heeft.
55

Storingscode 55 geeft aan dat de vorstbeveiliging van het CV-systeem met de elektrische elementen actief is. De melding verdwijnt als het water weer warm genoeg is. Waarschuw de leverancier van de warmtepomp.
56

Storingscode 56 geeft aan dat de vorstbeveiliging van het tapwater actief is. De melding verdwijnt als het water weer warm genoeg is. Waarschuw de leverancier van de warmtepomp.
57

Storingscode 57 geeft aan dat het contact van klem EC2 open is. Dit betekent dat de draadbrug defect is of het aangesloten component een open verbinding heeft.
59

Storingscode 59 geeft aan dat de intredetemperatuur van de condensor te hoog is tijdens actief koelbedrijf. Controleer of er voldoende doorstroming is.
62

Storingscode 62 geeft aan dat het contact van klem EC1 open is. Dit betekent dat de draadbrug defect is of het aangesloten component een open verbinding heeft.
65

Storingscode 65 geeft aan dat de brontemperatuur te hoog is. Dit kan komen door een te warme bron, te weinig of geen stroming aan bronzijde (lucht, systeemdruk, filter, afsluiter, circulatiepomp) of een niet goed werkende solarklep.
67

Storingscode 67 geeft aan dat de maximale tapwatertijd overschreden is. Dit kan voorkomen als tijdens tapwaterbedrijf een storing op is getreden of als heel veel tapwater achter elkaar verbruikt is. Als geen van beide het geval is, neem dan contact op met de leverancier van de warmtepomp.
68

Storingscode 68 geeft aan dat er een communicatiestoring is opgetreden op de OpenTherm1-ingang. Controleer de bedrading en de thermostaat.
69

Storingscode 69 geeft aan dat er een communicatiestoring is opgetreden op de OpenTherm2-ingang. Controleer de bedrading en de thermostaat.
70

Storingscode 70 geeft aan dat de warmtepomp in Noodbedrijf staat. Dit is een tijdelijke oplossing om tapwater en CV te kunnen leveren.
71

Storingscode 71 geeft aan dat de mengtemperatuur te hoog is geworden. Controleer de werking van de klep en sensor.
73

Storingscode 73 geeft aan dat er de maximaalthermostaat van de compressor geschakeld heeft. Neem contact op met de leverancier van de warmtepomp.
74

Storingscode 74 geeft aan dat de maximumtemperatuur van de zonnecollector is overschreden. Controleer of de overstort is gebruikt, of de vulling van het systeem correct is of de circulatiepompen werken, kleppen in de juiste stand staan en werken en de systemen ontlucht zijn.
75

Storingscode 75 geeft aan dat onvoldoende debiet in het verdampercircuit tijdens solar-bedrijf is. Controleer het systeem op voldoende druk, vervuild filter, juiste positie van kleppen en ontlucht het verdampercircuit.
76

Storingscode 76 geeft aan dat de minimumtemperatuur van de zonnecollector is onderschreden. Controleer het systeem op voldoende vorstbeveiliging en of de circulatiepompen werken, kleppen goed staan en of de systemen op druk staan, ontlucht zijn en de afsluiters open staan.
80

Storingscode 80 geeft aan dat er een fase-uitval is. Controleer de elektrische voeding van de warmtepomp (schroefklemmen, stekker, meterkast).
81

Storingscode 81 geeft aan dat de fasevolgorde verkeerd is. Controleer de voedingsspanning en het draaiveld. Wissel indien nodig 2 fasen om.

129

Storingscode 129 geeft aan dat de warmtepomp herhaaldelijk een hoge druk storing heeft gehad en vergrendeld is uitgeschakeld. De oorzaak hiervan kan te weinig stroming in het afgiftesysteem of tapwater laadcircuit zijn. Controleer de doorstroming van het afgiftesysteem en tapwatersysteem (afsluiters, systeemdruk, lucht, filter, circulatiepompen, kleppen).

130

Storingscode 130 geeft aan dat de warmtepomp herhaaldelijk een lage druk storing heeft gehad en vergrendeld is uitgeschakeld. De oorzaak hiervan kan zijn een te koude bron of te weinig stroming aan bronzijde. Controleer deze zaken (temperaturen, afsluiters, systeemdruk, lucht, filter, circulatiepompen, kleppen). Als de LD-storing ook na enkele uren stilstaan na resetten direct weer optreedt, is een koudemiddellek waarschijnlijk de oorzaak. Neem dan contact op met de leverancier van de warmtepomp.

131

Storingscode 131 geeft aan dat er herhaaldelijk onvoldoende stroming aan CV-zijde is geweest en de warmtepomp vergrendeld is uitgeschakeld. Controleer de doorstroming aan CV-zijde (ook tapwaterbedrijf, afsluiters, systeemdruk, lucht, filter, circulatiepompen, kleppen).

132

Storingscode 132 geeft aan dat herhaaldelijk de maximale condensor uittredetemperatuur (CV-zijde) is overschreden en de warmtepomp vergrendeld is uitgeschakeld. Dit kan tijdens tapwaterbedrijf (anti-Legionella-cyclus) of CV-bedrijf voorkomen Controleer de doorstroming van het tapwater laadcircuit en het CV-systeem (afsluiters, systeemdruk, lucht, filter, circulatiepompen, kleppen). Neem, als dit vaker voorkomt, contact met de leverancier van de warmtepomp.

148

Storingscode 148 geeft aan dat ondanks meerdere pogingen de anti-Legionella-cyclus niet is afgerond en de warmtepomp vergrendeld is uitgeschakeld. Neem contact op met de leverancier van de warmtepomp.

149

Storingscode 149 geeft aan dat er herhaaldelijk te weinig stroming aan bronzijde van de warmtepomp is geweest en de warmtepomp vergrendeld is uitgeschakeld. Controleer of de afsluiters open staan, reinig het filter, het systeem op druk en ontlucht is, de kleppen open/goed staan en of de circulatiepomp werkt.

152

Storingscode 152 geeft aan dat de sensoren Tvi en Tvu aan bronzijde van de warmtepomp herhaaldelijk of te lang te veel afwijking hebben als de compressor niet draait of te weinig als deze wel draait. De warmtepomp is vergrendeld uitgeschakeld. Controleer of de sensoren goed geplaatst zijn (meetpunt goed op de leiding, met geleidingspasta, vastgeklemd en onder de isolatie).

153

Storingscode 153 geeft aan dat aan bronzijde de verdamper uittredetempeatuur herhaaldelijk te laag is geweest (tijdens compressorbedrijf) en de warmtepomp vergrendeld is uitgeschakeld. Controleer de stroming over de bron (afsluiters, systeemdruk, lucht, filter, circulatiepomp, kleppen) en of de bron voldoende capaciteit en temperatuur kan leveren.

154

Storingscode 154 geeft aan dat aan bronzijde de verdamper intredetemperatuur herhaaldelijk te laag is geweest (tijdens compressorbedrijf) en de warmtepomp vergrendeld is uitgeschakeld. Controleer de stroming over de bron (afsluiters, systeemdruk, lucht, filter, circulatiepomp, kleppen) en of deze voldoende capaciteit en temperatuur kan leveren.

155

Storingscode 155 geeft aan dat aan bronzijde de verdamper uittredetemperatuur herhaaldelijk of te lang te laag is geweest voor het starten van de compressor. De warmtepomp is vergrendeld uitgeschakeld. Controleer de stroming over de bron (afsluiters, systeemdruk, lucht, filter, circulatiepomp, kleppen) en of de volledige capaciteit van de bron benut wordt (levert bron voldoende capaciteit/temperatuur).

195

Storingscode 195 geeft aan dat de maximale tapwatertijd overschreden is. Deze storing treedt op als in 3 opeenvolgende periodes het tapwatersetpoint niet gehaald wordt.  

201

Storingscode 201 geeft aan dat er de maximaalthermostaat van de compressor herhaaldelijk geschakeld heeft en de warmtepomp vergrendeld is uitgeschakeld. Neem contact op met de leverancier van de warmtepomp.

203

Storingscode 203 geeft aan dat er herhaaldelijk onvoldoende debiet in het verdampercircuit tijdens solar-bedrijf is geweest. Controleer het systeem op voldoende druk, vervuild filter, juiste positie van kleppen en ontlucht het verdampercircuit.